Paddenstoel porseleinzwammen

Actueel

Recente activiteiten van de Stichting Gaasterlân Natuerlân

Deelname Aanjagers Sleattemer Mar

Wyckeler Hop, Slotermeer
Foto: Sabine Boode
Wyckeler Hop - Sleattemer Mar door Sabine Boode

Drie leden van de Stichting Gaasterlân Natuerlân nemen deel aan de werkgroepen “water en oever” en “paden” als onderdeel van de Stichting Aanjagers Sleattemer Mar. Deze stichting is opgericht ter bevordering van recreatie en toerisme op en rond het Slotermeer. Onze in eerste instantie kritische blik is in de loop van het afgelopen jaar omgedraaid naar een enthousiast meewerken aan planontwikkeling, waarbij wat ons betreft natuurbehoud en natuurontwikkeling de basis vormen. 

Inmiddels heeft landschapsarchitect Peter de Ruyter een eerste aantrekkelijke schets gemaakt met betrekking tot uitbreiding van recreatieve mogelijkheden in combinatie met natuurontwikkeling op en langs het Slotermeer. Een volgende stap is hiervoor een breed draagvlak creëren.

Dit lage gebied tussen de “hoogten” van Rijsterbos en Jolderenbos, was ooit een sompig, brak gebied met de daarbij horende rijke flora en fauna. Er lagen in het verleden vele van dergelijke gebieden aan de flanken van de toenmalige Zuiderzee. Van pakweg de huidige Afsluitdijk tot aan Lemmer wemelde het van de zgn. droogmakerijen. Deze inpolderingen pasten geheel bij het toenmalige tijdsbeeld; er leefde een breed gedeelde overtuiging dat we de zee de baas zouden kunnen blijven. Dus ook dit gebied werd ingepolderd. Lange tijd werd er betrekkelijk extensief vee geweid en gehooid. Totdat ook hier de intensivering zijn intrede deed, en monotone raaigrasvlakten dominant werden. De natuurwaarden werden gedecimeerd, maar landschappelijk heeft de polder nog wel wat te bieden. Met name het prachtige en unieke contrast tussen de beslotenheid van de bossen en de weidsheid van het IJsselmeer definieert dit als een typisch stukje Gaasterland.

Met het toevoegen van 25 hectare van deze polder aan het Rijsterbos enige jaren terug, is een belangrijke stap gezet in natuurlijk herstel. De polder huisvest daarnaast enkele families die hun omgeving op waarde weten te schatten, en ieder op eigen wijze het natuurlijk herstel van de polder bevorderen. We vinden hier een biologisch melkveebedrijf, maar ook de biologische teelt van spelt en een voornemen om met particulier natuurbeheer opnieuw kansen te scheppen voor een rijkdom aan vogels. Helaas dreigen deze mooie ontwikkelingen te worden doorkruist door enkele betreurenswaardige actualiteiten. Er is een boer die serieuze plannen heeft hier 1200 geiten te gaan melken. Dit plan baart de omwonenden veel zorgen gezien de vele gezondheidsproblemen die optreden in de omgeving van dit soort intensieve geitenhouderijen. (Denk bijvoorbeeld aan de Q-koortsuitbraak enige jaren terug in Brabant).


Onze gemeente lijkt dit plan welwillend tegemoet te treden. Opvallend en merkwaardig, gezien het nabijgelegen verzorgingscentrum voor kwetsbare oude mensen. Wij vragen ons af waarom de gemeente dit soort aanvragen niet beter weegt en eerst alle mogelijke risico’s in kaart brengt. Waarom wordt niet eerst (primair door de initiatiefnemer; secundair door de gemeente) contact gezocht met de omgeving? Als er zonder dergelijk vooroverleg vergund wordt, rest er niets anders dan een  bezwarenprocedure. (Bedenk hierbij dat, nu in Brabant een limiet is gezet op het houden van deze dieren, men kennelijk graag uitwijkt naar Fryslân. In tegenstelling tot andere provincies, waar een gewaarschuwd mens voor twee telt, zet ons provinciaal bestuur de deuren wijd open voor dit “alternatief” voor koeien).

Maar het dieptepunt is toch wel het voornemen van een agrariër om midden in deze polder een loods van 40 bij 60 meter!, inclusief woonhuis te willen bouwen. Doorgang van dit project zou een enorme landschappelijke impact hebben. We doen er dan ook alles aan om dit plan tegen te houden..maar helaas is het beroep van de Stichting en omwonenden ongegrond verklaard. Het gemeentebestuur zou er verstandig aan hebben gedaan eerst contact op te nemen met alle belanghebbenden opdat er een adequate afweging van belangen had kunnen plaatsvinden. Pas nadat een zorgvuldige afweging had  plaats gevonden, had  de gemeentelijke politiek een gefundeerd besluit kunnen nemen. Nu moet er bezwaar worden aangetekend en polariseren de verhoudingen,maar we gaan er alles aan doen om de bescherming van het unieke Gaasterlandse landschap beter geregeld te krijgen onder de nieuwe omgevingswet.

 

Hege Gerzen

Hege Gerzen

In een eerder bericht vermeldden we al dat het oostelijke deel van
De Hege Gerzen een opwaardering heeft gekregen in natuurlijke en
landschappelijke zin. De uitbater van de Hege Gerzen heeft dit
creatief benut met de aanleg van een blotevoetenpad. Deze
nieuwste aanwinst op de Hege Gerzen, loopt als een rode draad
door een reeks natuur- en cultuurhistorisch educatieve elementen.
Zo zijn er tuinwallen aangelegd, is er een vogelkijkpunt
gerealiseerd, heeft het oude helofytenfilter een metamorfose
ondergaan met survivalachtige elementen, en is er een poel
gegraven met een grote grondwal er langs. De bestaande houtwal
en het helofytenfilter zijn verrijkt met mantelvegetaties. De
wateronderdelen worden gevoed met lokaal bronwater waardoor
hier een bijzonder goede waterkwaliteit te vinden is. De graslanden
worden onder sinusbeheer getransformeerd naar bloemrijke
vegetaties. Al deze elementen tezamen voegen veel variatie toe, en
daar profiteert de natuur van, terwijl de landschappelijke waarde
eveneens toeneemt.
Een laatste stap in dit proces is de realisatie van een natuurquizje,
dat gekoppeld wordt aan het blotevoetenpad. Samen met uitbater
Sjerp Jaarsma, wordt dit door een groepje IVN-enthousiastelingen
(waaronder uw voorzitter) vormgegeven. Het gaat om een achttal
informatieborden met eenvoudige natuurinformatie en een tiental
daaraan gekoppelde meerkeuzevragen. Nadat het blotevoetenpad
is doorlopen en de informatie is bekeken, kan op het terras bij het
strandpaviljoen een antwoordformulier worden ingevuld. Bij
voldoende score mag een prijsje worden uitgezocht in de vorm van
een button of een dierentatoeage. De quiz is facultatief en bedoeld
om bij kinderen in de leeftijdsgroep van ongeveer 5 tot 15 jaar, een
kiem van natuurinteresse te leggen.
Er wordt momenteel gezocht naar financiering om de plannen om te
zetten in een fysieke vorm.

Landbouw in ontwikkeling

Voor duurzame landbouw zijn inmiddels al aardig wat synoniemen in omloop. Grondgebonden, Kringloop, Natuur inclusief, Biologisch. De één legt hier wat nadruk; de ander daar. Maar waar het grosso modo op neerkomt is dat we terugkeren naar het omarmen van de natuur als partner, waar zij in de gangbare landbouw tegen wil en dank gedegradeerd is tot een ondergeschikte rol, en onder technocratische druk nagenoeg is bezweken. Het besef dringt steeds breder door dat het roer om moet en dat we toe zijn aan een vernieuwend landbouwbeleid. Maar het blijkt best lastig te zijn uit te werken hoe het dan wel zou moeten/kunnen. Koepelorganisaties zoals de LTO en de Friese Milieu Federatie beleggen regelmatig bijeenkomsten met voornoemde thema’s op de agenda. Wij op onze beurt bespreken de uitkomsten van deze verkennende sessies regelmatig ook met het bestuur van Bosk & Greide. Sinds een paar jaar zitten we met enige regelmaat  met de bestuurders van B&G om tafel om in goed overleg onze wederzijdse standpunten op elkaar af te stemmen en daar waar mogelijk samen op te trekken. 

Juist bij B&G ervaren ze hoe lastig het is om als ondernemer over de eigen schaduw heen te stappen. Toch zijn er ook binnen de agrarische sector interessante ontwikkelingen gaande. We noemen bijvoorbeeld de zeer succesvolle biologisch dynamische boerende Welmoed Deinum en haar zus Regina die de winkel runt. Hun ouders (Sierd en Joke) waren eerder koplopers in de reguliere landbouw maar besloten het roer drastisch om te gooien en met succes.                              Pieter van der Valk uit Ferwoude is een ander inspirerend voorbeeld. Hij stelt onder andere dat boeren veel meer produceren dan alleen voedsel. Hij ziet voor de landbouw ook een belangrijke rol bij het sluiten van kringlopen. En boeren zijn in zijn opinie beheerder van interessant landschap en mogen daar ook voor betaald worden. Ook al erkent hij ruiterlijk dat er op dat gebied nog veel kansen liggen, om niet te zegen dat ook op dat gebied het roer om moet. Als het lukt om de ideeën van van der Valk c.s. door te ontwikkelen naar adequate verdienmodellen dan kunnen er wellicht binnen afzienbare tijd interessante stappen worden gezet.

Stikstof

Eerst nog maar even wat uitleg, want de ernst van dit probleem dringt bij lange na niet tot
iedereen door. Bovendien is het dankzij de huidige politieke constellatie ver naar onderen
gezakt op de agenda.
De stikstofproblematiek heeft niets te maken met het bijna 80% bestanddeel van de lucht
die we inademen. Stikstof wordt pas een probleem als het reageert met andere stofjes.
Dat gebeurt vooral in verbrandingsmotoren en spijsverteringskanalen. Uit
verbrandingsmotoren (verkeer, industrie, energiecentrales etc….) komen stikstofoxides
vrij. Uit spijsverteringskanalen komt ammoniak vrij. Doordat Nederland erg dicht bevolkt is
met veel bedrijvigheid en bovenal een immense veestapel herbergt van tientallen
miljoenen dieren, komen hier heel erg veel stikstofoxides en ammoniak vrij. Deze stoffen
verspreiden zich gemakkelijk door de lucht. Overal in Nederland komen jaarlijks kilo’s
stikstof neer. Veel meer (2 tot 3 maal) dan de kringloop van onze natuur aan kan.
Ammoniak richt in de natuur de meeste schade aan.
Stikstof is naast fosfaat en kalium een belangrijke voedingsstof voor planten. In de
ontwikkeling van het leven tot de verscheidenheid aan planten en dieren die we nu kennen
(en in rap tempo verliezen), is stikstof altijd relatief schaars geweest. De natuur heeft zich
daar op allerlei manieren op aangepast. Nu stikstof in zulke overmatige hoeveelheden
beschikbaar is, brengt dat het evenwicht in de natuur volledig uit balans. Slechts enkele
soorten profiteren van deze overdaad. Een veelvoud aan soorten ruimt het veld.
Daarnaast heeft de stapeling van tientallen jaren te veel stikstof grote gevolgen voor de
bodem. Het leidt tot verzuring van de bodem, het verlies aan mineralen en het in oplossing
gaan van onder meer aluminium dat zeer giftig is. Dat leidt weer tot verlies aan
bodemdiertjes en bodemschimmels. Daardoor gaat de reinigende capaciteit van de bodem
achteruit, sluiten kringlopen niet meer en neemt de bodemvruchtbaarheid af. Planten
verliezen aan vitaliteit en worden extra gevoelig voor ziekten en plagen. Deze processen
versterken zichzelf ook nog in een krachtig neerwaartse spiraal en spelen op zandgronden
(waaronder Gaasterland) nog sterker dan op veen- en kleigronden.
Tot slot heeft de overmaat aan stikstof gevolgen voor de verhouding van stikstof tot andere
stoffen. Die gewijzigde verhoudingen leiden tot gebreks- en vergiftigingsverschijnselen bij
zowel planten als dieren.
Deze ernstige situatie is sinds de tweede wereldoorlog ontstaan door éénzijdige aandacht
voor economische groei. Gefaciliteerd door een nagenoeg onbeperkte beschikbaarheid
aan fossiele brandstoffen is ook de agrarische sector met kunstmest, krachtvoer en
vee(l)teelt ecologische grenzen ver voorbij gegroeid. De waarschuwingen (sinds de 70-ger
jaren van de vorige eeuw) vanuit wetenschap en natuur- en milieubeweging voor de
negatieve effecten hiervan op onze fysieke leefomgeving zijn consequent en stelselmatig
veronachtzaamd en genegeerd.
Anno 2025 is het ronduit stuitend om ondanks de zeer stevige wetenschappelijke
onderbouwing, vooral vanuit agrarische hoek nog altijd ontkenning en bagatellisering van
dit probleem te moeten horen en zien. Het agro-industriële complex van Nederland heeft
in de BBB een gewillige spreekbuis, geflankeerd door PVV en VVD, wat tot afstel heeft
geleid van het toch al volstrekt te kort schietende stikstofbeleid van het vorige kabinet.
Vooralsnog is er geen enkel teken dat daar enig beleid van betekenis voor in de plaats
komt. Talloze boeren blijven in onzekerheid zitten, terwijl bij veevoerbedrijven,

zuivelconcerns en supermarkten de winsten tegen de plinten klotsen. Met nu opnieuw
verkiezingen in het vooruitzicht, gevolgd door een ongetwijfeld moeizame formatie, zal het
opnieuw jaren gaan duren voordat enig effectief beleid (als dat er ook echt komt)
daadwerkelijk zal leiden tot reductie van stikstofdepositie. Geen fijn vooruitzicht als je
bedenkt dat flora en fauna van stikstofgevoelige ecosystemen nu al hevig onder druk
staan en reeds een flinke veer hebben moeten laten ….. Wij zien in ons Gaasterland
duidelijk de lokale gevolgen van ammoniakuitstoot door veehouderijen. Het trekt een
zware wissel op onze toch al sterk verarmde natuur.
Met de val van het kabinet gloort er enige hoop op verbetering. In de korte tijd van haar
bestaan, heeft zij weliswaar geknaagd aan het rechterlijk kader dat onze natuur beoogt te
beschermen en te herstellen, maar is zij er tot op heden niet in geslaagd dit wezenlijk aan
te tasten. Onze rechtsstaat functioneert nog altijd adequaat en het neemt tijd om wet- en
regelgeving aan te passen. Wij maken optimaal gebruik van het bestaande juridische
instrumentarium om onze natuur in bescherming te nemen tegen een provincie en
gemeente die veehouders het liefst zo weinig mogelijk in de weg zit.

Gebruik bestrijdingsmiddelen leidt ook tot onrust in Wijckel

lelieteelt

De verontruste inwoners van Drenthe, verenigd in de actiegroep Meten is Weten, heeft op 3 juli 2020 een belangwekkend onderzoek afgerond. Volg voor meer informatie de link naar een bericht van Meten is Weten. In juni 2020 presenteerde de Gezondheidsraad een vervolgrapport. Hier klikt u voor het gehele rapport Advies Gezondheidsraad bestrijdingsmiddelen. Of anders leest u hier de Samenvatting-Vervolgadvies-Gewasbescherming-en-omwonenden.

Synthetische bestrijdingsmiddelen vormen een groot probleem voor onze leefomgeving. Ze worden massaal ingezet in allerlei geledingen van onze maatschappij. Van ontsmetting van containers in onze zeehavens tot het vlooienbandje van onze kat. Maar vooral in de landbouw, en dan meer specifiek de akkerbouw en sierteelt (bloembollen bovenal) gaan onwaarschijnlijk grote hoeveelheden om.

De geschiedenis van synthetische bestrijdingsmiddelen is er een van “trial and error”. Zo werd in de  50-iger jaren van de vorige eeuw het beruchte DDT de hemel in geprezen als een zegen voor de landbouw. Tot dat in de 60-iger jaren wetenschappers aantoonden dat het middel bijzonder schadelijke nevenwerking had op de natuur. Dat leidde tot een verbod. Maar de chemische industrie zat niet bij de pakken neer, en verzon nieuwe “minder schadelijke” alternatieven zoals de zgn. “drins” (Aldrin, Dieldrin, etc.). Deze stoffen hoopten zich echter op in de vetreserves van vogels, en dat resulteerde in massale sterfte van sommige soorten. En zo volgde generatie op generatie. Aangekomen in het heden hebben we te maken met neonicotinoïden. Dit zijn neurotoxines waar o.a. zaden mee worden “gecoat”. De hele plant wordt daarmee giftig. Er is veel minder van nodig dan het toenmalige DDT, maar het is wel 1.000 maal giftiger! De gevolgen laten zich raden.

Het zijn middelen met een wijd werkingsspectrum. Een middel dat wordt ingezet tegen de Colaradokever, doodt niet alleen deze kever, maar ook alle andere keversoorten en een enorm scala aan andere insecten. Een middel dat wordt ingezet tegen phytophtera, doodt niet alleen deze schimmel, maar alle schimmels. Het herbicide glyfosaat doodt niet alleen kweekgras, maar een heel regiment aan grassen en kruiden. Kortom, ze zaaien dood en verderf onder flora en fauna. Omdat het vaak basale lagen van ecosystemen betreft, werken ze ver door in de voedselketen. O.a. resulterend in een evidente afname van insectenetende vogels.

De middelen blijven bovendien beslist niet beperkt tot de percelen waar ze worden toegepast. Door processen als drift, uitspoeling en verdamping komen ze in de wijde omgeving terecht, waar ze hun vernietigende werking voortzetten. In sommige gevallen zelfs als het afbraakproducten betreft. En over synergetische effecten is al helemaal nauwelijks iets bekend.

Deze middelen zijn zeer lucratief en worden geproduceerd door machtige multinationals (zoals Bayer-Monsanto). Hun (politieke) macht reikt erg ver. Zo ver zelfs dat ze consequent het voordeel van de twijfel krijgen bij introductie van nieuwe middelen op de markt. Ben je als eenvoudige burger bezorgd over de effecten van deze middelen op je gezondheid en omgeving, dan ligt de bewijslast volledig bij jou op je bordje. De overheid zwijgt en ziet toe. Ga er maar aan staan!

Als kleine lokale natuur- en landschapbeschermingsclub kunnen wij dit natuurlijk niet keren. Maar wat we wel doen is deze problematiek in onze contacten aan de orde stellen. Èn schouder aan schouder met kritische boeren verandering van onder op stimuleren. Want er zijn wel degelijk voorbeelden uit de praktijk van alledag dat we wel degelijk zonder dergelijke middelen kunnen. Meer bewustwording leidt tot een afnemende vraag, en daar heeft zelfs een machtige multinational als het Duitse Bayer-Monsanto en of het Chinese Syngenta geen antwoord op.

In de zomer van 2020 werden we in de gelegenheid gesteld een bijdrage te leveren aan de discussie op lokale schaal. Er was onrust ontstaan in Wyckel, en een paar bestuursleden van SGN waren uitgenodigd bij een besloten bijeenkomst in Wijckel op 11 juni 2020. Er leeft bij veel inwoners grote bezorgdheid over de mogelijke effecten van de bestrijdingsmiddelen die worden gebruikt bij de bollenteelt. Een afgevaardigde van PB Wijckel maakte een verslag: Verslag 11juni 2020 voor Wikelflecht. Een aantal van de aanwezige politici (Burgerbelang en NCPN waren er niet, alle andere fracties waren vertegenwoordigd, bovendien was wethouder Groeneveld van Groen Links van de partij) namen daarna het initiatief voor het indienen van een  MotieBestrijdingsmiddelenGaasterland GL FNP PvdA D66 VVD CU NCPN  De motie werd met 24 voor en 4 tegen aangenomen (4 CDA leden stemden tegen).